Kies per vraag het antwoord dat het meest bij je past in de afgelopen 3–6 maanden. Mijn aanpak is holistisch én praktisch. Ayurveda geeft richting in voeding, leefstijl en stress-balans. Als fysiotherapeut kijk ik ook naar houding, beweging, herstel en belastbaarheid, zodat jouw plan niet alleen kloppend is, maar ook uitvoerbaar.
1.Energie door de dag
A: wisselt sterk, pieken en dalen
B: stabiel hoog, ik ga “aan” en door
C: rustig stabiel, ik kom langzaam op gang
2.Stress-reactie
A: onrust, piekeren, slapen wordt licht
B: irritatie, kort lontje, “ik moet dit fixen”
C: terugtrekken, uitstellen, comfort zoeken
3.Eetlust
A: onregelmatig, soms vergeet ik te eten
B: sterk en op tijd; honger = honger
C: gelijkmatig, maar ik kan ook makkelijk zonder
4.Spijsvertering
A: wisselend, opgeblazen/krampen/irregulier
B: snel en intens; brandend/zuur of scherpe honger
C: traag, zwaar gevoel na eten
5.Temperatuur
A: snel koud, koude handen/voeten
B: snel warm, kan slecht tegen hitte
C: eerder koel, maar kan goed tegen kou
6.Slaap
A: licht, word snel wakker, druk hoofd
B: gemiddeld, maar vaak “aan” of intens dromen
C: diep, lang, moeilijk opstaan
7.Beweging
A: ik ben wisselend: soms veel, soms niets
B: ik sport doelgericht, hou van uitdaging
C: ik kom langzaam op gang, maar kan lang volhouden
8.Huid
A: droog/trekkerig
B: gevoelig/rood, snel warm
C: voller/soepel, kan wat vetter zijn
9.Communicatiestijl
A: enthousiast, snel praten, veel ideeën
B: direct, scherp, to-the-point
C: rustig, vriendelijk, bedachtzaam
10.Beslissingen
A: ik twijfel en verander snel van koers
B: ik beslis snel en ga ervoor
C: ik neem tijd en kies als het “goed voelt”
11.Concentratie
A: creatief maar snel afgeleid
B: laserfocus als ik een doel heb
C: steady focus, maar traag opstarten
12.Gewicht
A: schommelt, eerder moeite om aan te komen
B: redelijk stabiel, kan schommelen bij stress
C: kom makkelijk aan, moeilijker afvallen
13.Herstel na drukte
A: ik ben snel overprikkeld/uitgeput
B: ik ga door, maar “betaal” later
C: ik word traag/zwaar en blijf hangen
14.Voorkeur eten/drinken
A: warm, soep, kruidig maar mild
B: verkoelend, fris, niet te vet
C: licht, warm, pittiger helpt me op gang
15.Algemene vibe
A: luchtig/ruim, maar soms chaotisch
B: vurig/gedreven, maar soms te intens
C: stabiel/zacht, maar soms te traag
Score: tel A’s = Vata, B’s = Pitta, C’s = Kapha
-
A = Vata
-
B = Pitta
-
C = Kapha
UITSLAG
VATA (hoogste A)
Jij bent Vata-dominant: creatief, gevoelig en snel van geest. Als Vata uit balans is, zie je vaker onrust, overprikkeling, een wisselende spijsvertering en lichte slaap.
Balans-tip: kies voor ritme, warmte en eenvoud (vaste eet- en slaaptijden, warme maaltijden, rustige beweging).
PITTA (hoogste B)
Jij bent Pitta-dominant: scherp, doelgericht en energiek. Uit balans kan Pitta zich uiten in irritatie, “aan staan”, hitte, branderigheid en perfectionisme.
Balans-tip: bouw koel-momenten in (pauzes, natuur, ademwerk), eet minder “vurig” en plan herstel net zo serieus als prestaties.
KAPHA (hoogste C)
Jij bent Kapha-dominant: stabiel, loyaal en rustig.
Uit balans zie je vaker traagheid, zwaar gevoel, vasthouden (emotioneel of fysiek) en minder drive.
Balans-tip: activeer zacht maar consequent (ochtendroutine, lichte warme maaltijden, prikkelende beweging en afwisseling).
DUAL TYPES (bijna gelijk)
Je scoort een combinatie (bijv. Vata-Pitta). Dat is heel normaal.
Focus dan op: wat is nú het meest uit balans? Daar pakken we de eerste winst.
Disclaimer
“Deze dosha-scan is een self-assessment en geen medische diagnose. Bij klachten of twijfel kijken we samen wat passend en veilig is.

